|
Kantoorgebouw Kropman Installatietechniek (Utrecht): kanaalplaatvloeren met geïntegreerde SFB-liggers.
Rekenvoorbeeld beklede geïntegreerde liggers
Gegeven
Een woongebouw met zes bouwlagen met elk een verdiepinghoogte van 3,6 m.
Geïntegreerde liggers:
- overspanning: 6,6 m;
- type: THQ 265-5-240x35–450x20;
- statisch bepaald;
- staalsoort: S 355.
Kanaalplaten:
- overspanning aan weerszijden: 10,8 m;
- 260 mm dik;
- eigen gewicht: 3,8 kN/m2;
Rustende belasting: 1,7 kN/m2 en veranderlijke belasting 2,5 kN/m2 met Ψ = 0,3.
Brandwerendheidseis: 120 minuten
|
|
Gevraagd
De benodigde dikte van een brandwerende bekleding.
|
|
Uitwerking
- Bij brand, met Γ = 1, is de belasting:
G = (3,8 + 1,7)·10,8 = 59,4 kN/m en
Q = 0,3·2,5·10,8 = 8,1 kN/m
Het optredende moment bij brand bedraagt:
Mθ= 1/8 · ( 59,5 +8,1)· 6,62 = 367,5 kNm
- Het maximaal opneembare plastisch moment bij kamertemperatuur (doorsnedeklasse 2) bedraagt:
Mu;d = Wy;plfy;d = 2415·103·355·10–6 = 857,3 kNm
- De belastinggraad is:
η = 367,5/857,3 = 0,43
- De correctiefactor is:
Κ1 = 0,85
- De kritieke temperatuur volgt uit:

- De profielfactor is:

- De benodigde warmteweerstand van het bekledingsmateriaal is te bepalen met behulp van onderstaande afbeelding (voor 120 minuten brandwerendheid: zie de grafiek rechtsonder).

Voor een plaatmateriaal met θa;cr = 634 ÚC wordt gevonden:
Ref = di/λi = 0,065.
Deze waarde is te bereiken met een 13 mm dikke bekleding van vezelversterkte gips of steenwol (λi = 0,20) of een 10 mm dikke plaat silicaat of vermiculiet (λi = 0,15).Een minimale plaatdikte is dus voldoende om een brandwerendheid van 120 minuten te halen.
|
|